Marcus Julius Speciaalbier

Proef het special bier van Parkstad Culinair: Marcus Julius vanaf 7 september!

Een tripel met 6,5% alcohol, een Romeins verleden,

Een co creatie tussen de Alfa Brouwerij, Parkstad Culinair en de Heëlesche Sjtadsbroewerie.

Met ondersteuning van het Thermen Museum / Historisch Goud

 

De ingrediënten
Trippel gemaakt met citra hop uit Washinton State. Münchener en Pilsen mout met een kleine hoeveelheid chocolat mout en de beroemde Alfa reincultuurgist uit 1870.

 

Het verhaal van het speciaal bier:

Heerlen, 1878. Een uitstapje naar het verleden. Niet ver van de Weltervijver wordt een grafzerk ontdekt. Het blijkt de laatste rustplaats van de Romeinse legionair Marcus Julius. Hij maakte deel uit van het Vijfde Legioen dat in 132 voor Christus werd opgericht door Julius Ceasar.

Heerlen, 7 september 2017. Een blik in de toekomt. Op het Pancratiusplein, waar honderden mensen zijn samengekomen om de opening van de vierde editie van Parkstad Culinair meet te maken, slaat burgemeester Ralf Krewinkel samen met Deken Bouman van Heerlen, Alfa-directeur Harry Meens en Mark Meijer (voorzitter Parkstad Culinair) het eerste vat Marcus Julius aan. Het triple-biertje met een alcoholpercentage van 6,5 procent, is genoemd naar de legendarische Romeinse legerleider. Het brouwsel valt goed in de smaak. Het is speciaal gecreëerd voor Parkstad Culinair, dat daarmee het Romeinse verleden van de stad alle eer wil aandoen.
Marcus Julius is mede
door de Heëlesche Sjtadsbroewerie. Alfa Brouwerij uit Schinnen en Hansen Dranken ontwikkeld op basis van een origineel Romeins recept en gebrouwen op de fundamenten van Cortovallio, de voormalige versterkte legerplaats rondom het Pancratiusplein waar nu Parkstad Culinair plaatsvindt.

Het speciaalbier is tijdens Parkstad Culinair verkrijgbaar. Het zit op fust, maar bij voldoende vraag wordt het tevens gebotteld in een flesje met op het door Christian Petermann ontworpen etiket een woest ogende Romeinse legionair: Marcus Julius. Hij is zo te zien wel toe aan een biertje.

Zoals in elke bierreclame met verwijzingen naar het verleden is het de vraag of het verleden wel zo gemakkelijk te verenigen met een glas heerlijk schuimend gerstenat. Toch zit de organisatie van Parkstad Culinair met het idee om middels een speciaalbiertje terug te grijpen op het Romeins verleden van de stad, waarschijnlijk dichter bij de werkelijkheid dan ze in eerste instantie kon vermoeden. De Romeinen zelf dronken wijn, maar de legionairs afkomstig uit de volkeren die de Romeinen bijstonden in hun opmars naar het noorden, waren veelal liefhebbers van bier.

Dit laatste zou kunnen verklaren waarom Marcus Julius inderdaad niet vies geweest is van een blond schuimende jongen: de belangrijke ‘Heerlense’ soldaat was vermoedelijk geen Romeins staatsburger, maar een Galliër die met zijn vijfde legioen trouw was aan Julius Ceasar.

Hoe het bier smaakt? Voor een antwoord op die vraag zullen we nog even geduld moeten hebben, aangezien de Marcus Julius nog slechts en petit comité geproefd en beoordeeld is. Voor degenen die niet kunnen wachten, lichtte Alfa bier-brouwmeester Frans Haerden onlangs in de het Limburgs Dagblad een tipje van de sluier op: ,,Ietsje fruitig. Met een mooie afdronk. Niet te bitter. Toegankelijk.”

(Maarten van Laarhoven, 01.09.2017)

 

Het verhaal van Marcus Julius

We kennen hem dankzij de grafzuil met inscriptie die idd in 1873 in Heerlen is gevonden. om precies te zijn, langs de Bekkerweg, waarschijnlijk redelijk aan het begin van de weg gezien vanaf het kruispunt (met de brandweerkazerne). Onder de Bekkerweg ligt de Romeinse weg van Aken naar Xanten – via Heerlen. de zuil is ontdekt bij werkzaamheden daar, en de beroemde amateur archeoloog Jos Habets heeft de zuil aangemeld in Leiden bij het Rijksmuseum van Oudheden, waarna de zuil daar naartoe is gegaan (en daar nog altijd staat, in Heerlen staat de replica).

Deze zuil is bijzonder omdat het een bovengronds grafmonument is. in die tijd werd iedereen gecremeerd, op een brandstapel, buiten de stad en langs de grote uitvalswegen. de as ging in een pot die in een kuil werd gezet, meestal met nog wat extra vondsten. het bovengronds markeren van een graf was alleen maar voor de elite weggelegd. dat er een volledige inscriptie op staat is echt exceptioneel. de steen weegt 500 kilo en is gemaakt van een bijzondere kalksteen die uit noord-frankrijk komt.
De inscriptie zelf is van opvallend goede kwaliteit, hele mooie grote letters, dat heeft geen lokale amateur gedaan. Marcus was dus waarschijnlijk geen gewone soldaar, eerder een officier / centurion. Van de inscriptie zelf weten we dat deze is opgericht door de erfgenamen van Marcus, dat staat erop vermeld in een speciale formule. belangrijkst is natuurlijk de complete inscriptie waaruit we kunnen aflezen dat het monument ter ere is van Marcus Julius, veteraan uit het 5e legioen (missus legio V) . de twee namen laten zien dat hij geen romeins burger was (dan had hij er 3 gehad). dat is een belangrijke aanwijzing over de datering.

We weten dat Gaius Julius Caesar, de beroemde veldheer die ook onze regio heeft veroverd 50 voor Chr, het 5e legioen heeft gemaakt, letterlijk, door loyale Galliers, die geen burgerrecht hadden en dus eigenlijk niet in dienst van een legioen mochten, te vragen voor een legioen dat alleen maar uit Galliers zou bestaan. Dit 5e legioen was daarom volledig trouw aan Julius Caesar en zijn opvolgers als Augustus, Tiberius, Claudius en Nero. het legioen had de bijnaam ‘de leeuwerikken’ (alaudae) vanwege de veren op hun helm.

Na de val van dit Julisch-Claudisch keizerhuis in 70 na Chr. is het 5e legioen dan ook ontbonden door de nieuwe keizer. Dit geeft een belangrijke datering van onze Marcus: hij kan dus niet na 70 na Chr. geleefd hebben. Marcus zal waarschijnlijk in een van de legerplaatsen langs de Rijn gelegerd gezeten hebben. Hij heeft dus mogelijk tegen Germanen gevochten, of mee op expeditie tegen de Friezen geweest, of zelfs de Britten (onder Claudius).

meer over het 5e legioen: http://www.livius.org/articles/legion/legio-v-alaudae/

(hier staat ook de zuil uit Heerlen afgebeeld!)

en op wikipedia: https://en.wikipedia.org/wiki/Legio_V_Alaudae

(Karen Jeneson, Historisch Goud, 15.08.2017)

 

Bier & Romeinen

De Romeinen krijgen hun kennis van het biermaken van de Grieken, die deze weer hebben gekregen van de Egyptenaren. In die tijd kende het proces van bierbrouwen nog een ‘tussenstap’. Namelijk het bakken van brood.

 

De allereerste biertjes werden gemaakt van een pap van gerst en emmer (een soort tarwe). Men bakte van deze ingrediënten een soort brood dat van buiten gaar was, maar van binnen nog week. Als men zin had in bier, werd het brood gewoon even in water geweekt. Aan dit “bier” werden vaak extra toevoegingen gedaan, zoals honing of kruiden.

Lange tijd werd bier beschouwd als drinkbaar brood en brood als eetbaar bier. Overal waar granen verbouwd werden, werd bier gebrouwen en brood gebakken. Beide voedingsmiddelen hebben immers dezelfde grondstoffen! In de Oudheid was bier daarom een even belangrijke voedingsbron als brood. En wat ook erg belangrijk was, was dat bier veilig was om te drinken, in tegenstelling tot het doorgaans vervuilde rivierwater.

 

De kennis van het brouwen hebben de Egyptenaars doorgegeven aan de Grieken. Plato schreef: “Het was een wijs man, die bier uitvond.” Sophocles (450 voor Christus) schreef al over het concept matiging. In zijn ogen bestond het beste dieet voor Grieken uit brood, vlees, groente en bier. De Romeinen leerden het brouwen weer van de Grieken. Zij noemden bier cerevisia (Denk daarbij aan het huidige Spaanse woord voor bier Cerveza), afgeleid van Ceres, de Romeinse godin van de landbouw, en vis, dat Latijn is voor kracht. In het begin van de Romeinse tijd was bier belangrijk, maar tijdens de Romeinse Republiek verdreef wijn bier van de eerste plaats als meest geconsumeerde drankje. Bij de Romeinen staat bier dan helaas niet meer in hoog aanzien.

 

Maar door de Romeinen werd de brouwkunst verder naar het noorden verspreid. De Germanen waren de eersten, die de tussenstap van het broodbakken oversloegen en ontdekten dat uit ontkiemde en gedroogde graankorrels ook bier gebrouwen kon worden. Zij maakten van graan een beslag en lieten dat vergisten

 

Bier is daarmee in de Romeinse tijd de drank van de Germaanse en Keltische stammen die aan de westelijke en noordelijke grenzen van het Romeinse Rijk leven. Bier zoals het nu gebrouwen wordt (zonder brood tussenstap) is dus een uitvinding die ten tijde van de Romeinen is gedaan door de overwonnen stammen in het gebied waar wij nu leven.

 

De Romeinse schrijver Tacitus merkt op dat Germanen zo dol zijn op het gerstenat dat het makkelijker is hen te verslaan met drank dan met wapens. Een feit dat waarschijnlijk nog steeds geldt……

 

(Jasper Habets, Villa de Proosdij, 2017)

 

Met bijzondere dank aan:

  • Alfa Brouwerij                     Harry Meens en Frans Haerden
  • Beerkompanie                     Ruud van Driel
  • Hansen Dranken                 Bert Meertens
  • Parkstad Culinair                Mark Meijer en Raoul Plummen
  • Villa de Proosdij                  Jasper Habets
  • Thermen Museum / Historisch Goud               Karen Jeneson en Nanda Knibbeler
  • Ontwerp                                Christian Petermann
  • Baadjou                                 Marc Baadjou en Sasj Lamberty
MARCUS_JULIUS_PC2017